Zingen: een andere waarheid

Volgens de overlevering is de uitspraak van de kerkvader Augustinus: “zingen is dubbel bidden.” Het is een uitspraak die – vermoedelijk – iedereen die met enige regelmaat in godsdienstig verband zingt, zal kunnen bevestigen. Maar er is nog iets anders mee aan de hand, bedacht ik me toen ik met Pinksteren in de Utrechtse Johanneskerk zat.

Tijdens de communie zong het koor een niet zo bekend lied met een tekst van Huub Oosterhuis: “Toen de Vijftigste gekomen was”. Een prachtig lied over de gebeurenissen destijds op die negenenveertigste dag na de Verrijzenis van Christus. Eén van die liederen die mij het gevoel kunnen geven van ‘groter te zijn dan je bent’ (sorry voor de wat vage omschrijving, maar ik heb er geen andere voor). Wonderlijk genoeg vind ik de twee regels aan het einde van het derde couplet nog het meest ontroerende. Ze gaan zó:

God heeft hem uit het dodenrijk gevoerd
en stralend aan zijn rechterhand verheven.

Het zijn regels die zó uit de traditionele kerkelijke leer zouden kunnen komen. Geen woorden die ik zomaar zou uitspreken. Te vroom. Kan ik niks mee in het dagelijks leven. Ik weet bij God niet wat ik me hierbij concreet moet voorstellen. Dat heb ik met wel meer van die traditionele kerkelijke leerstukken. En tóch – in de hele context van dit lied raken deze woorden me het meest van allemaal. Als ik dit zing, is het of er zich een enorme ruimte opent in mijn hoofd, in mijn borst, of ik opgetild wordt tot een hoogte waar ik zelf niet kan komen. Een hoogte waar de hoop op een betere wereld, met brood en liefde in overvloed voor allen, volstrekt reëel is. Waar al onze moeite om onze wereld te behoeden voor de verwoesting die haar aangedaan wordt omwille van winst en macht, uiteindelijk niet vergeefs zal blijken. Kennelijk – kénnelijk – zit er érgens een waarheid in deze woorden die zich niet laat zien als ik ze zomaar uitspreek. Als het niet meer zijn dan woorden. Zolang het niet meer zijn dan woorden, is het een vrome uitspraak, die ergens hoog boven het échte leven blijft zweven. Als ik ze zing – ik weet werkelijk niet wat er dan gebeurt, maar dan worden ze op een wonderlijke manier wáár.

Zingen is nog méér dan dubbel bidden. Het is ook als het openen van een andere wereld. Waarin waar is, wat in onze dag-dagelijkse wereld veel te pretentieus is, of veel te vroom, of veel te…. weet ik veel. Laten we daarom vooral zingen. Hoe meer hoe liever.

2013-05-25_01

Toen dan de Vijftigste gekomen was
der dagen na die eerste dat zijn graf
werd leeg bevonden, zaten wij terneer
rondom één tafel. Plotseling geschiedde
een storm van levensadem uit de hemel.
Vuurtongen stonden boven onze hoofden.

Zoals aan Mozes in een storm van vuur
werden die dag de tien volkomen woorden
in alle talen te verstaan gegeven
aan alle volkeren onder de hemel.
Gij, Israëls bevrijder, schenk uw wijzing
aan ieder mens in zijn geboortetaal.

Iedere dag bezochten wij de tempel
en wie ons vroeg getuigden wij van hem,
Jezus Messias: dat de langverwachte
nieuwe tijd nu gekomen was, in hem.
God heeft hem uit het dodenrijk gevoerd
en stralend aan zijn rechterhand verheven.

Wij leefden rond één tafel, deelden twijfel,
brood, ziel en pijn. En niemand was in nood
of leed gebrek. En allen spraken vrij.

Advertenties
Categorieën: geloof, lofzang, overdenkingen | Tags: , , , | 1 reactie

Berichtnavigatie

Een gedachte over “Zingen: een andere waarheid

  1. Dag Heleen,

    Wat mooi dat jij woorden kunt geven aan wat het zingen van dit lied met je doet! Zo samen zingen brengt hopelijk ooit een andere wereld dichterbij!

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: