Die lastige Vastentijd

Al jarenlang worstel ik met de Vastentijd – of de Veertigdagentijd, zou ik moeten zeggen als (nog steeds) newbie protestant. De periode van veertig dagen als voorbereiding op het grootste christelijke feest, Pasen, feest van de Opstanding. Ik ben als katholiek meisje in de jaren 1960 nog nét opgegroeid met het vastentrommeltje, waar alle snoepjes in gingen die je in de Vastentijd niet at. We spaarden ze op voor Pasen. Of voor de zondagen in de Vastentijd, die niet meetellen als vastendagen – dat weet ik niet meer precies.

De waarde van de Veertigdagentijd als voorbereiding op Pasen staat voor mij als een paal boven water. Pasen is een bijzonder feest, en een bijzonder feest vraagt om voorbereiding. Om bezinning, inkeer, om het jezelf weer te binnen brengen wat wij met Pasen vieren – inclusief Goede Vrijdag, want zonder Goede Vrijdag is Pasen ondenkbaar. Als ik me beter kan voorbereiden op Pasen, kan ik Pasen meer bewust en meer intens vieren. En daardoor kan ik meer een volgeling worden van die Jezus Christus die opgestaan is uit de doden, en door wie God liet zien dat werkelijk leven sterker is dan alle kwaad.  Mijn grote vraag is alleen: hoe bereid ik me voor op een manier die daar ook recht aan doet?

In het verleden heb ik wel invulling gegeven aan de Veertigdagentijd door bijvoorbeeld geen vlees te eten en geen alcohol te drinken. Ik ken veel mensen die het zo doen, en het kan een heel goede manier zijn. In het klooster waar ik een tijdlang woonde vervingen we één keer per week de warme maaltijd door alleen rijst, wat ook een zinvolle ‘vastendiscipline’ kan zijn. Toch heb ik deze manieren om vorm te geven aan de Veertigdagentijd nooit helemaal, tja, bevredigend gevonden. Wat voor mij wél werkt is vasten in de laatste veertig uur vóór Pasen. Dat wil zeggen dat ik tussen de viering van Witte Donderdag en die van de Paasnacht niet eet. Niet eten zet me er toe aan om met al mijn bezigheden een tandje terug te schakelen. Op de momenten dat ik normaal gesproken een maaltijd zou gebruiken (ochtend, middag of avond), bid of mediteer ik. Hier ben ik een krappe dertig jaar geleden een keer mee begonnen en dit doe ik nog steeds zo ieder jaar. Ik ervaar het als een goede, betekenisvolle manier van voorbereiding op het vieren van het grote mysterie dat Pasen heet.

Maar dat lost mijn ‘probleem’ met de Veertigdagentijd niet op. Want die duurt geen veertig uur, maar de volle veertig dagen. Dat blijft een speciale periode, die daarom een speciale invulling verdient. Nu stuitte ik bij Patheos.com, een Amerikaanse website van gelovigen uit allerlei tradities, op een artikel van kerkhistoricus Kathleen Mulhern. Kathleen worstelt kennelijk met dezelfde vraag, en heeft van daar uit voor zichzelf een heel aparte ‘vastendiscipline’ ontwikkeld. Wat mij aan het denken zette was niet zozeer haar invulling op zich, als wel de geest die er achter steekt. In haar eigen (door mij vertaalde) woorden:

“Vasten gaat over het verdiepen van onze liefde voor God. Dat is alles. (…) Niettemin probeer ik het voorbeeld te volgen van Bernardus van Clairvaux, die schreef: ‘Als ik naar mezelf kijk, en mezelf onderzoek, en over mezelf een oordeel uitspreek, word ik één grote lastige en kwellende vraag… Dan, als ik helemaal vergeet hoe armzalig en onbetekenend ik eigenlijk ben, kan mijn hele wezen wellicht opstaan, om zich in Uw omarming van liefde te storten, en U te zien die ik liefheb, en U lief te hebben die ik nog nooit gezien heb”.’

Dat citaat van Bernardus ontroert me enorm. De Veertigdagentijd gaat over bezinning, jazeker. Het gaat over stilstaan bij mezelf en mijn liefde voor God, zonder enige twijfel. Maar niet om een oordeel uit te spreken over mezelf en daardoor mezelf tot een lastige en kwellende vraag te maken. Het gaat uiteindelijk om de realiteit van die omarming van liefde, van een God die ons aanneemt zoals wij zijn, hoe armzalig en onbetekenend we ook mogen zijn in onze eigen ogen of die van anderen. Voor God is niemand van ons armzalig of onbetekenend.

Ik weet nog steeds niet hoe ik de Veertigdagentijd vorm ga geven, afgezien van die laatste veertig uur vóór Pasen. Maar ik ben er wel weer aan herinnerd waar het uiteindelijk om gaat. Nu nog vormen vinden om mezelf daar aan te blijven herinneren. De hele veertig dagen, en de rest van het jaar.

Advertenties
Categorieën: geloof, lofzang, overdenkingen, spiritualiteit | Tags: , , , , , , | 2 reacties

Berichtnavigatie

2 gedachten over “Die lastige Vastentijd

  1. Lies

    Heel lezenswaardig en goed om over na te denken. Samen hebben we erover gesproken. Nu nog laten indalen.

  2. weer hartelijk bedankt.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s

Maak een gratis website of blog op WordPress.com.

%d bloggers liken dit: